Terwijl nieuwe grondstoffen tegen hoge menselijke, financiële en ecologische kosten uit de aarde worden gehaald, liggen er alleen al in België miljoenen smartphones vol waardevolle metalen ongebruikt in de kast. Dat kan en moet anders, zegt refurbed-medeoprichter Kilian Kaminski: ‘Eén ton e-waste bevat soms meer metaal dan één ton mijnerts.’
Bij Belgische huishoudens liggen naar schatting 17,7 miljoen herbruikbare en recycleerbare smartphones ongebruikt in lades en kasten. In heel Europa gaat het om 642 miljoen ongebruikte toestellen, waarvan 431 miljoen enkel nog geschikt zijn voor recyclage. Ze doen niets, leveren niets op en verdwijnen uit het zicht. Nochtans barsten ze van de waardevolle grondstoffen.
‘Samen bevatten die toestellen meer dan 5.000 ton kobalt, 431 ton tin en 8,62 ton goud’, becijferde Kilian Kaminski, medeoprichter van refurbed, een Europese online marktplaats voor gereviseerde elektronische producten. De totale onaangeroerde materiaalwaarde wordt geraamd op ongeveer 1,1 miljard euro.
Mensen houden hun oude smartphone vaak bij als reserve, uit angst dat het nieuwe toestel stukgaat of verloren raakt. ‘Zo’n oud toestel voelt als een vangnet’, zegt Kaminski. ‘Daarnaast spelen ook emotionele redenen mee: foto’s, video’s, herinneringen die in het opslaggeheugen bewaard staan.’
Goud en kobalt
Mensen onderschatten hoe waardevol die apparaten zijn. Die waarde zit niet alleen in geld, maar ook in grondstoffen. Smartphones bevatten goud, kobalt en zeldzame aardmetalen, die vaak in problematische omstandigheden worden ontgonnen.
‘Veel van die materialen komen uit regio’s waar sprake is van ongunstige en onveilige werkomstandigheden’, zegt Kaminski. ‘Door toestellen langer te gebruiken, te refurbishen of correct te recycleren, verminderen we die schadelijke mijnbouw.’
Recyclage is ook belangrijk, maar pas als een toestel écht niet meer te herstellen is. Circulariteit begint altijd met hergebruik.
Kilian Kaminski, mede-oprichter refurbed
Een opvallend cijfer is dat één ton elektronisch afval soms meer metaal bevat dan één ton mijnerts. ‘Oude smartphones leveren daardoor vaak meer waarde op dan het delven van mijnen’, zegt Kaminski.
De verklaring daarvoor is eenvoudig: de concentratie van edelmetalen in elektronica is vaak hoger dan in klassieke ertsen. ’We reduceren smartphones tot voorwerpen om mee te bellen, maar het zijn eigenlijk kleine mijnen.’
Die bewustwording ontbreekt nog vaak. Dat verklaart deels waarom in Europa niet meer dan 10 procent van de smartphones gerecycleerd worden. ‘Mensen weten niet altijd waar of hoe ze hun oude toestellen kunnen inleveren.’
Businessmodel
Volgens Kaminski ligt de verantwoordelijkheid niet alleen bij de consument. Fabrikanten spelen een grote rol in de wegwerpcultuur. ‘Hun hele systeem is gericht op het verkopen van nieuwe toestellen, niet op het terughalen van oude. Jaarlijkse modelupdates creëren het gevoel dat iedereen voortdurend moet upgraden. Maar de technologische verschillen zijn vaak minimaal: een iets betere camera, een fractie sneller, maar voor dagelijks gebruik maakt dat weinig uit.’
We reduceren smartphones tot voorwerpen om mee te bellen, maar het zijn eigenlijk kleine mijnen.
Kilian Kaminski, mede-oprichter refurbed
Daarbovenop komen ontwerpkeuzes die reparaties bemoeilijken, beperkte toegang tot wisselstukken en het stopzetten van software-updates. ‘Je kan perfect een toestel hebben dat technisch nog werkt, maar als het geen beveiligingsupdates meer krijgt, word je gedwongen een nieuw te kopen. Dat is geen toeval, dat is een businessmodel.’
Recht op reparatie
Refurbed biedt een alternatief door in te zetten op hergebruik. In België kunnen consumenten via het platform hun oude toestellen verkopen aan refurbishers. Die herstellen de smartphones en brengen ze opnieuw op de markt. ‘Recyclage is ook belangrijk, maar pas als een toestel écht niet meer te herstellen is. Circulariteit begint altijd met hergebruik.’
Voor zeer oude toestellen is recyclage via refurbed nog niet mogelijk, maar er zijn wel plannen voor. ‘Ons doel is om op termijn zelfs toestellen van twintig jaar oud aan te nemen, al is het maar om ze correct te recycleren. Want ook die bevatten waardevolle materialen.’
Volgens Kaminski moet de overheid ingrijpen om deze omslag mogelijk te maken. ‘Fabrikanten zullen zichzelf niet beperken zolang winstmaximalisatie centraal staat.’
Strengere regels rond het recht op reparatie, langere software-ondersteuning en financiële stimuli voor herstel kunnen een groot verschil maken. Hij wijst naar Oostenrijk, waar de overheid de helft van de reparatiekosten voor bepaalde toestellen, waaronder smartphones, terugbetaalt. ‘Dergelijke maatregelen zetten mensen aan om eerst aan reparatie te denken, in plaats van meteen iets nieuws te kopen.’