De explosieve groei van AI slurpt energie en water via datacenters die vaak aan de andere kant van de wereld staan. De Nederlandse tech-ondernemer Robert Keus doorbreekt dat patroon. Met GreenPT ontwikkelde hij een alternatief voor ChatGPT dat draait op hernieuwbare stroom, volledig in Europa gehost, mét openheid over de milieu-impact van artificiële intelligentie. ‘Niet elke gebruikersvraag vereist maximale rekenkracht.’
De kern van GreenPT is eenvoudig, maar ambitieus: een AI-chatbot aanbieden zonder onnodige ecologische schade, met behoud van gebruikersdata in Europa. De echte omslag kwam er in 2025, toen krachtige opensource AI-modellen beschikbaar kwamen.
Die modellen boden volgens bedenker Robert Keus een kwaliteit die ‘goed genoeg is voor de meeste gebruikers’, en ‘konden concurreren met de grootste commerciële modellen’, waaronder die van OpenAI (ChatGPT), Microsoft (Copilot) en xAI (Grok).
Keus is geen nieuwkomer in de tech-wereld. Als ondernemer houdt hij zich al jaren bezig met technologie die maatschappelijke problemen helpt op te lossen. Toen kunstmatige intelligentie in een stroomversnelling raakte, begon hem vooral één ding te storen: het gebrek aan transparantie. ‘Niet alleen op ethisch en privacy-vlak, maar ook op het gebied van duurzaamheid’, zegt hij.
Groen en Europees datacenter
De alternatieve aanpak van GreenPT start bij de keuze van het datacenter. Het platform draait op servers van een partner in Frankrijk die zo transparant mogelijk is over energie- en waterverbruik.
‘Datacenters zeggen vaak dat ze groen zijn, maar in Europa bestaat honderd procent groene stroom eigenlijk niet’, legt Keus uit. ‘Als er in ons datacenter grijze stroom wordt geleverd, dan wordt die gecompenseerd, onder meer via klimaatprojecten.’
Daarnaast gebruikt het datacenter luchtkoeling in plaats van waterkoeling, wat het waterverbruik aanzienlijk verlaagt.
Eco-vriendelijke taalmodellen
‘Alleen een duurzaam datacenter kiezen, is onvoldoende om te claimen dat je echt groen bent’, zegt Keus. Het échte verschil maakt GreenPT met de keuze van zijn AI-modellen. Grote spelers zetten voor vrijwel elke taak hun zwaarste modellen in. GreenPT kiest bewust voor kleinere, efficiëntere varianten.
Keus verwoordt het met een treffende metafoor: ‘Bij ChatGPT rij je voor de meest basale taken altijd in een Ferrari met waanzinnig veel paardenkracht onder de motorkap. Terwijl dat vaak totaal onnodig is.’
Bij ChatGPT rij je voor de meest basale taken altijd in een Ferrari met waanzinnig veel paardenkracht onder de motorkap. Terwijl dat vaak totaal onnodig is.
Robert Keus, oprichter GreenPT
De modellen die GreenPT gebruikt, draaien op aanzienlijk minder zware hardware, maar leveren volgens Keus voor zo’n negentig procent van de toepassingen en gebruikersvragen een vergelijkbare kwaliteit.
Dat scheelt energie, rekenkracht en uiteindelijk ook CO₂-uitstoot. ‘Onze modellen zijn niet twaalf keer slechter, maar hebben wél twaalf keer minder rekenkracht nodig.’
Transparantie als kernwaarde
Waarmee GreenPT zich nog onderscheidt van vrijwel alle andere AI-platforms is de mate van transparantie richting de gebruiker. Op basis van de gebruikte servers en hardware, berekent het bedrijf nauwkeurig hoeveel energie een AI-sessie kost. Die informatie wordt ook gedeeld met gebruikers.
‘We vinden het belangrijk dat mensen weten dat AI een milieukost heeft’, zegt Keus. ‘Dan kan de gebruiker zelf beslissen hoe ver hij onze oplossing wil inzetten.’
Tijdens het chatten krijgen gebruikers inzicht in het energieverbruik van hun sessie en waar mogelijk suggesties om efficiënter te werken. ‘We kunnen bijvoorbeeld adviseren om een nieuwe sessie te starten. Dat kost minder energie dan wanneer je een lange context blijft meeslepen.’
Wat tech-giganten kunnen leren
Volgens Keus laten de grote Amerikaanse tech-bedrijven ESG-kansen liggen. ‘OpenAI is er echt weinig mee bezig. Microsoft doet het vooral omdat het moet vanuit de wetgeving, maar volledige transparantie ontbreekt.’
Hij vermoedt dat angst voor imagoschade en concurrentievoordeel een rol speelt. ‘Mensen weten dat AI energie kost, maar niet exact hoeveel. Dat blijft bewust vaag.’
Het algemene idee bij de grote spelers is: eerst winnen, responsible AI komt later wel.
Robert Keus, oprichter GreenPT
Toch ziet hij ook een economische reden om duurzamer te werken. ‘Minder rekenkracht betekent niet alleen minder energie maar ook lagere kosten. Er is absoluut een businesscase voor duurzaamheid.’
Maar in de huidige AI-wedloop lijkt snelheid belangrijker dan verantwoordelijkheid. ‘Het algemene idee bij de grote spelers is: eerst winnen, responsible AI komt later wel.’
Tot de helft minder CO₂
Vergeleken met gangbare AI-oplossingen verbruikt GreenPT twintig tot dertig procent minder energie, terwijl de CO₂-uitstoot tot de helft lager ligt. ‘Die cijfers zijn gebaseerd op benchmarks en openbare rapportages van grote spelers’, verduidelijkt Keus. ‘Het blijft lastig vergelijken, maar we weten zeker dat onze aanpak significant scheelt.’
GreenPT telt enkele maanden na release al meer dan vierduizend internationale gebruikers, van wie er zo’n vijfhonderd betalen voor het product. ‘De komende jaren willen we groeien door zowel bereik, functionaliteit als impact uit te breiden.’
Het platform mikt op meer gebruikers via bedrijven en overheidsorganisaties. ‘Tegelijk breiden we het aanbod van AI-diensten uit: van chat en search tot redeneer-modellen, speech-to-text en slimme agents. Allemaal zo energiezuinig mogelijk.’
Onhoudbare groei
Toch baart de toekomst Keus zorgen. Hij verwacht dat de ecologische impact van AI de komende jaren nog enorm zal toenemen. ‘Ik denk dat het niet houdbaar is zoals het nu gaat. Er is simpelweg te weinig energie voor alle datacenters die gepland staan en nog gebouwd gaan worden.’
Oplossingen als datacenters in de ruimte of grootschalige inzet van kernenergie ziet hij niet als wondermiddelen. ‘Dat zijn vaak pr-stunts of ideeën die pas over tientallen jaren realistisch zijn.’
Volgens hem ligt de oplossing dichterbij. ‘We moeten kijken naar wat we nu hebben en dat efficiënter en schoner maken, en mensen bewuster laten omgaan met AI.’